Georges Lemaître

De Leuvense priester-professor Georges Lemaître was astronoom, wiskundige en natuurkundige. Hij was de grondlegger van de oerknal-theorie: alles (ruimte en tijd) ontstond door een explosie uit een enorm heet punt. Lemaître bood zo een nieuwe en niet religieuze verklaring van de schepping van het universum. Dat was niet vanzelfsprekend, aangezien Lemaître naast wetenschapper ook priester was. Desondanks de soms beklemmende context waarin hij werkte, wist hij zijn geloof toch te combineren met een wetenschappelijke wereldvisie.

Het dogma van een statisch en eeuwig heelal moest door zijn wetenschappelijke inzichten plaats maken voor een dynamische opvatting van het heelal. Door de oerknal is er een voortdurende metrische expansie van al wat bestaat. Het universum deint uit, veranderd voortdurend en is eindig. Zelf wanneer wij niets doen, vallen we voortdurend in een nieuwe wereld.

Door deze dynamische opvatting krijgt het heelal een geschiedenis. Het rode licht in de kapittelzaal weerspiegelt één moment uit deze geschiedenis. Ongeveer 400.000 jaar na de oerknal, koelde het universum voldoende af om ionen te laten recombineren tot atomen, waardoor het eerste licht in de kosmos, dat van de oerknal, eindelijk kon schijnen. En toen schiep de oerknal het licht... Het eerste licht dat het heelal verlichte was rood. Het waren de langste golven, aan één eind van het optisch spectrum. Alsof je naar de wereld keek door een rode bril. Langzaam ontstonden de andere kleuren. Vreemd genoeg volgde na deze fase de donkere eeuwen van het universum: er was geen ander licht dan het licht dat een gevolg was van deze initiële explosie, omdat sterren en zon nog niet geboren 

©2018 LUCA School of Arts. Lees onze gebruiksvoorwaarden en privacybeleid.

website by